E-mail ons Lid vereniging goud- en zilversmeden Meesterteken
Saffier Robijn Smaragd Diamant Sterkorund

Diamant

Diamant

Diamant is de "Koning der Edelstenen". De naam diamant stamt af van het Giekse woord adamas of adamant, hetgeen ‘De onoverwinbare’betekent. Diamant is de hardste edelsteen die men kent, maar toch is hij het meest simpel van samenstelling. Diamant bestaat uit zuivere koolstof, net als grafiet in een potlood.

Miljarden jaren geleden waren hitte en hoge druk er de oorzaak van dat koolstof op miraculeuze wijze in diamant werd omgezet.Dit gebeurde diep onder de het aardoppervlak, in de kokende magmaketel. In een vulkanische massa werd de koolstof gekristalliseerd en omhoog gestuwd naar het aardoppervlak.

Daar koelde het af in de kraterpijpen van kimberliet, waarin diamant tegenwoordig dus nog gevonden wordt. Diamanten zijn zeldzaam omdat slechts enkele exemplaren de gevaarlijke tocht vanuit de diepten der aarde naar het oppervlak haalden. Er moet ongeveer 250 ton ruw gesteente verwerkt worden om een 1 karaats geslepen diamant van een beetje goede kwaliteit te vinden. Slechts 20% van al het diamant dat gedolven wordt kan gebruikt worden om uiteindelijk in sieraden te verwerken. De rest gaat naar de industrie waar diamant bijvoorbeeld gebruikt wordt om te boren en te zagen in harde gesteentes. De belangrijkste vindplaatsen van diamant zijn: (Zuid-)Afrika, Australië, Zuid-Amerika en Rusland. De waarde van diamant wordt bepaald door 4 officiële kwaliteitsnormen. Deze 4 kwaliteisnormen worden de 4 C’s genoemd.

  • Caratweight (Karaatgewicht): zoals bij alle edelstenen wordt het gewicht (en daarmee de grootte) van een diamant uitgedrukt in karaten. 1 karaat is vastgesteld op 0.2 gram. 1 karaat bestaat weer uit 100 ‘punten’. Een diamant van 25 punten is dus een kart karaat (0.25 karaat).
  • Clarity (zuiverheid): Bijna alle diamanten bevatten minuscule sporen van niet gekristalliseerde koolstof, het element waaruit ze zijn ontstaan. De meeste zijn niet met het blote oog waar te nemen en worden pas onder een loep zichtbaar (voor de experts). Dit worden insluitsels genoemd. Hoe minder insluitsels een diamant bevat, des te zeldzamer hij is. Met de volgende gradaties wordt de zuiverheid van de diamant aangegeven:
    • IF = loepzuiver
    • VVS1/VVS2 = zeer, zeer klein(e) insluitsel(s)
    • VS1/VS2 = zeer klein(e) insluistel(s)
    • SI1/SI2 = klein(e) insluitel(s)
    • P1/P2/P3= Pique 1/2/3; duidelijk waarneembare insluitsels
  • Colour (kleur): Diamant kan alle kleuren van het spectrum hebben. Het merendeel varieert echter van een nauwelijks zichtbare gele of bruinachtige tint, tot uiterst zeldzame stenen die kleurloos genoemd worden. Nog zeldzamer zijn de zogenaamde ‘ natural Fancy Colour’ diamanten die een sterke natuurlijk kleur hebben zoals; groen, rood, roze, blauw of amber.
    Met de volgende gradaties wordt de kleur van diamant aangegeven:
    • Top river / river (kleurloos, blauw wit)
    • Top wesselton (fijnwit)
    • Wesselton (wit)
    • Top Crystal (zwak getint wit)
    • Crystal (getint wit)
    • Top cape (zwak gelig)
    • Cape (gelig)
    • Light yellow (zwak geel)
    • Yellow (geel/bruinig)
  • Cut (slijpvorm): Van de 4 C’s wordt alleen de slijpvorm en de kwaliteit van het slijpsels door de mens bepaald. Hoe beter een diamant geslepen is hoe meer vuur en schittering de diamant zal vertonen en zal dus ook meer geld waard zijn. Diamant wordt in verschillende vormen geslepen. Hieronder ziet u een aantal slijpvormen.

Slijpvormen